De makers van de populaire Mastermovies-video’s laten met komediefilm Straf zien dat de absurdistische en droge humor waarvoor ze bekendstaan, goed te vertalen valt naar een speelfilm. Een speelfilm maken is andere koek dan het maken van komische fandubs van films en series. Toch bevat de komediefilm van regisseurs Merijn Scholte Albers en Tobias Smeets meerdere aspecten die ambitieus genoemd mogen worden. De komediefilm bespreekt niet alleen de negatieve effecten van pesten, maar laat ook op een humoristische manier zien hoe sulletjes kunnen leren op te komen voor zichzelf door (letterlijk en figuurlijk) het gevecht tegen hun pestkoppen aan te gaan. Verder bevat Straf momenten waarin het gepeste hoofdpersonage, muziekdocent Edwin, leert zelfverzekerder te worden zonder te verliezen wie hij echt is en wat hem bijzonder maakt. Straf bespreekt verder de effecten van het gemis aan respect en laat zien hoe vriendschappen ook op een latere leeftijd kunnen ontstaan. Het bijzonderste, ambitieuze aspect is dat de film lijkt te hinten naar kennis over de overlappende eigenschappen van verhalen waarin identiteit en verlossing centraal staan. Deze Nederlandse komediefilm kaart veel ambitieuze thema’s aan, maar vaak blijven ze oppervlakkig. Het aankaarten of opzetten van verhaallijnen rondom deze thema’s brengt niet automatisch diepgang met zich mee. Daarvoor moeten thema’s daadwerkelijk uitgewerkt worden. De diepgang die deze thema’s aan deze komische film zouden kunnen toevoegen, wordt nauwelijks bereikt. Dit neemt echter niet weg dat de humor in deze film schittert en uiteindelijk gaan de meeste filmliefhebbers naar komediefilms voor de grappen in plaats van voor de betekenis of diepgang van het verhaal.
Jurassic World: Rebirth probeert nieuw leven te blazen in de grootste franchise met dinosaurussen door terug te gaan naar de oorsprong van deze films. In plaats van een simplistisch, maar diepgaand filmverhaal vol revolutionaire visuele effecten en iconische filmmuziek, is er met dit vervolg vooral gefocust op het maken van dezelfde fouten die al in de eerdere films zijn gemaakt. De enige echte wedergeboorte die in dit vervolg genoemd kan worden, is dat de filmmakers nieuwe manieren vinden om dezelfde domme fouten uit oudere films te maken (of tot leven te brengen). Zo bevat Jurassic World: Rebirth dezelfde typische narratieve keuzes die ook in de eerdere vervolgen zijn gemaakt. Van ¨enigszins schattige¨ verkoopbare dinosaurusmetgezellen tot een kindvriendelijke en gezinsvriendelijke B-plot: dit vervolg heeft het allemaal. Daarnaast is er opnieuw een gloednieuw eiland toegevoegd. Een eiland dat ¨altijd al¨ aanwezig is geweest in deze filmwereld, maar nooit eerder is benoemd. Het is ironisch dat een film getiteld Jurassic World: Rebirth zo weinig vernieuwende filmaspecten bevat. Dit vervolg is zo vernieuwend als Coca-Cola Light of Coca-Cola Zero was toen het werd uitgebracht vergeleken met het originele drankje. Ondanks dat de titel de belofte doet dat deze film de wedergeboorte van de franchise is, blijft Jurassic World: Rebirth hetzelfde soort vervolg, maar dan net anders verpakt. Er is nog geen vervolg op Jurassic Park (1993) geweest dat zo hard probeert om deze franchise aan zijn filmpubliek te verkopen als iets wat de moeite waard is om te consumeren. De film lijkt op dezelfde manier te zijn gemaakt als de ingenieurs van InGen nieuwe gemuteerde dinosaurussoorten creëerden. Bepaalde aspecten uit eerdere films zijn geselecteerd en aan elkaar geplakt om op de veiligste manier een leuk avonturenverhaal te maken. Er is niets uitdagends terug te vinden in deze film. Jurassic World: Rebirth bevat amper discussies rondom morele thema’s die blijven hangen of die een diepere betekenis toevoegen aan het filmverhaal. De filmmakers proberen niets nieuws of baanbrekends om de filmtoeschouwers een echte memorabele filmervaring te geven. Aan het einde van de dag is Jurassic World: Rebirth een product dat zo snel mogelijk gemaakt is om zoveel mogelijk filmtoeschouwers in een korte tijd enthousiast te krijgen om de film te gaan kijken in de bioscoop.
De coming-of-age-dramafilm Everyone’s Sorry Nowadays begint met een titelsequentie die het filmpubliek een kijkje geeft in het artistieke werk en de gedachten van het jonge hoofdpersonage Bianca. Zo opent de film met beelden van haar plakboek. De titelsequentie toont afgescheurde en uitgeknipte vormen vol ruig ingekleurde pagina’s en foto’s van natuurelementen als bloemen. Het plakboek is bewust op bepaalde manieren gekaderd en onvolledig in beeld gezet. De beelden in deze film zijn net zo op dezelfde bewuste manier gepositioneerd als de Amerikaanse filmmaker Wes Anderson op een opzettelijke manier gebruikmaakt van strakke, centrale en symmetrische composities in zijn films. Anderson gebruikt dit regelmatig om een gevoel van orde, stabiliteit en precisie in zijn films te scheppen. In Everyone’s Sorry Nowadays gaan regisseur Frederike Migom en filmmonteur Christine Houbiers samen met artdirector Nadja Götze hier expres tegenin. In het plakboek van de titelsequentie is geometrische abstractie terug te vinden. Zo bevat het plakboek meerdere gekleurde of uitgeknipte (en gekleurde) horizontale en verticale lijnen die andere visuele elementen benadrukken of begrenzen. De keuzes die gemaakt zijn door Migom, Houbiers en Götze bij het visualiseren van de titelsequentie doen niet alleen denken aan hoe Anderson bewust te werk gaat met zijn composities, maar ook aan hoe de Nederlandse kunstschilder Piet Mondriaan dit deed. Net zoals bij het werk van Mondriaan, lopen de uitgeknipte en (in-)gekleurde vlakken of lijnen vaak door buiten de randen van het plakboek. Het werk dat het hoofdpersonage Bianca aflevert in haar plakboek is bewust dynamisch in plaats van statisch. Het werk in haar plakboek oogt als op papier gezette artistieke hersenspinsels waarmee ze de emoties en gedachten uit haar hoofd probeert te reguleren, begrijpen of plaatsen.
De Nederlandse filmmaker Dick Maas laat met Flodder de kunst van het (extra-)ordinair zijn zien. Zo weet Maas van het “ordinaire” iets buitengewoons (oftewel extraordinair) en extra ordinair te maken. De Nederlandse komediefilm is extra ordinair, omdat de karakterarchetypen van de filmpersonages bewust zijn uitvergroot om voor extra komische conflicten en sociale tegenstrijdigheden te zorgen. Daarnaast is Flodder extraordinair, omdat Maas erin slaagt om te laten zien dat in alle sociale omstandigheden jezelf (of ordinair) blijven een kunst op zich is. Flodder is simpelweg een heerlijk vulgaire film over (extra-)ordinaire typetjes. Het filmverhaal mag dan simpel zijn en enkele onnodig uitgerekte scènes bevatten, maar toch is Maas erin geslaagd om een Nederlandse komediefilm te maken waarin de filmsfeer boven het plot komt te staan. De Nederlandse filmmaker legt in Flodder de focus op de filmsfeer, de opgeblazen of overdreven karakters van de filmpersonages en de hilarische tegenstrijdigheden tussen familie Flodder en de rijkelui uit Zonnedael. De Nederlandse komediefilm bevat niet alleen scherp geschreven interacties en veel grove en donkere humor, maar ook trendneerzettende filmpersonages die decennia later nog steeds als voorbeeld dienen voor veel (Nederlandse) filmmakers. De stereotyperende karakters van deze filmpersonages zijn zo buitengewoon en overdreven uitvergroot dat ze leuk en hilarisch zijn om te aanschouwen. Het ordinaire en alledaagse aspect van de filmpersonages uit Flodder is zo verankerd in de Nederlandse mediawereld en filmindustrie dat ze niet meer weg te denken zijn. Voor de (Nederlandse) filmindustrie is Flodder een standaard voorbeeld voor wat er met eenvoudige of uitvergrote stereotyperende filmpersonages gedaan kan worden.
Smile is een belangrijke horrorfilm, omdat het laat zien dat mentale gezondheidsproblemen universeel zijn en dat kwetsbaarheid menselijk is. Regisseur en scenarioschrijver Parker Finn levert een aangrijpende karakterstudie van trauma in zijn filmverhaal. De bovennatuurlijke en psychologische horrorfilm onderzoekt de relatie tussen trauma en identiteit. Hierbij onderzoekt het filmverhaal de connectie tussen deze twee onderwerpen door het hoofdpersonage besmet te laten raken met een monsterlijke entiteit die voedt op haar jeugdtrauma’s. Finn vergelijkt trauma’s (indirect) met monsters die onontkoombaar zijn en grote invloed hebben op onze identiteitsvorming. Smile laat zien dat een trauma niet overwonnen kan worden in de traditionele zin. Het kan alleen worden omarmd als onderdeel van wie je bent. Erkenning, confrontatie en empathie zijn noodzakelijk om psychologisch overleven en herstel mogelijk te maken. De opkomst van het monster en de terugkeer van haar jeugdtrauma’s laten beide het verlies van Rose’s controle over haar (mentale) vrijheid zien. De film speelt uitstekend met thema’s waarin Rose haar vrijheid verliest, doordat haar controle over haar gedachten net zo goed verloren gaat als haar visie op haar traumatische jeugd. Het monster beperkt haar kansen om haar trauma’s te bestrijden en te groeien als persoon. Hierdoor verliest Rose niet alleen haar vrijheid, maar ook haar menselijkheid. De horrorfilm is angstaanjagend doordat de filmtoeschouwers zo doeltreffend in de schoenen van Rose geplaatst worden. De film speelt met het (getraumatiseerde) brein van het hoofdpersonage, waarbij het filmpubliek bewust wordt gemaakt van de perceptie van Rose en het perspectief van haar (nabije) omgeving. Hierdoor ervaart het filmpubliek haar gevoelens van machteloosheid en wanhopigheid, terwijl ze met al haar wilskracht vecht tegen het verlies van haar menselijkheid, identiteit en vrijheid. De film wordt ondersteund door gruwelijke schrikmomenten. Deze schrikmomenten spelen goed in op het feit dat Rose nergens veilig is. Zelfs niet in haar eigen bewustzijn. Elk moment kan er een eng figuur verschijnen of kan er een realiteitsschending plaatsvinden. Dit schept een constant en intens gevoel van onveiligheid. Smile werkt verder briljant als horrorfilm doordat het unieke plottwists bevat waar verschillende filmscènes zijn vormgegeven als psychoses, wanen en manische episodes. Door de scherpe montage worden de filmtoeschouwers in de schoenen van Rose gezet en blijven ze zich, net zoals dit filmpersonage, continu afvragen wat echt en wat nep is.
Tijdens de laatste dertig minuten van de briljante Franse sciencefiction animatiefilm Arco, moest ik regelmatig denken aan het gezegde ¨een beeld zegt meer dan duizend woorden.¨ Als er een film is die dit jaar de de tweestrijd van dit gezegde omarmt, dan is het de Franse animatiefilm Arco. ¨Een beeld zegt meer dan duizend woorden¨ is een gezegde die menig mens wel eens gebruikt heeft. Het maakt niet veel uit of dit nu op een grappende, ironische of serieuze manier geweest is. De impact van dit gezegde staat net zo goed vast als de kracht en pracht van beelden en woorden. Ondanks dat ik geloof dat er zeker een kern van waarheid in dit gezegde zit, heb ik me regelmatig afgevraagd of dit toch niet wat te zwart-wit is. Zo geloof ik dat een boek, bestaande uit tienduizenden woorden, net zoveel als niet meer kan zeggen dan een of meerdere beelden. De uitkomst van de vraag die het gezegde oplegt, ligt niet per definitie vast. Er zal per voorwerp, kunstobject of verhaal gekeken moeten worden naar de context van de situatie en ook vooral naar de persoonlijke interpretaties en ervaringen van de mensen die betrokken zijn bij deze situaties. De ware kracht van dit gezegde is dan ook hier terug te vinden. ¨Een beeld zegt meer dan duizend woorden¨ is een gezegde die verbonden staat aan de betekenis, kracht en impact van beelden en woorden. Wat dit gezegde fout krijgt is dat er tussen beelden en woorden geen sprake is van strijd, maar van samenwerking. Mensen horen niet een keuze te moeten maken over wat meer indrukwekkend is: beelden of woorden. Net zoals dat er beelddenkers en woorddenkers zijn, zullen er individuen zijn die zich meer geroepen voelen tot de kracht van woorden, terwijl andere mensen meer onder de indruk zullen zijn van de visuele taal van beelden. Het is niet een kwestie van ¨of het ene of het andere¨, maar een geval van ¨en-en¨. Hoe beïnvloeden de beelden die we te zien krijgen de woorden die het bij ons los brengt en beïnvloedt dit ook hoe we deze woorden verbinden aan beelden? Hoe interpreteren we woorden nadat er beelden bij ons zijn opgekomen door de woorden die we hebben gelezen? Wat het gezegde ¨een beeld zegt meer dan duizend woorden¨ dus vooral fout krijgt is, dat het niet gaat om een hiërarchische machtsstrijd, maar om de gelijkwaardige betekenisgeving en de onlosmakelijke verbinding tussen beelden en woorden. Een animatiefilm als Arco laat goed zien dat (audiovisuele) kunst het beste werkt als beelden en woorden gelijkwaardig behandelt worden. Zo zijn de dialogen en gesprekken uit het scenario scherp geschreven en is de film prachtig geanimeerd. Daarnaast bevatten het verhaal, het scenario en de geanimeerde beelden allemaal betekenisvolle diepgang. Bovendien roepen de stille beelden reacties in woorden op bij het filmpubliek, terwijl de scherpe dialogen en beschrijvingen beelden oproepen in de gedachten van de filmtoeschouwers.
Reclaiming Dragons gaat over het terugvinden en terugwinnen van jezelf als (jong-)volwassene. Zo volgt het filmverhaal de jonge Chinees-Nederlandse kantoormedewerker Ami die haar toevlucht zoekt in een virtuele wereld. Ami wordt steeds ongelukkiger van haar baan als kantoormedewerker en dus raakt ze steeds dieper verstrikt in haar virtuele wereld. Tegelijkertijd ontvangt ze steeds meer weerstand vanuit buitenaf en binnenin over wat ze moet doen en wie ze echt is. Reclaiming Dragons gaat verder over het doorbreken van generatietrauma’s waarin ongelukkig doorwerken de norm lijkt te zijn geworden. De film laat de gevolgen zien van meerdere opeenvolgende generaties die geloven dat je moet doen wat je moet doen, zoals ongelukkig doorwerken, om te overleven. Debuterend regisseur Xiang Yu Yeung lijkt met haar korte film te bepleiten dat de beste manier om deze generatietrauma’s te stoppen is door controle terug te krijgen over het opgelegde narratief van eerdere generaties en buitenstaanders. In Reclaiming Dragons wordt een verband gelegd tussen het controle krijgen over het opgelegde narratief van onze huidige samenleving en het bestrijden van diepgewortelde stereotyperende weergaven. Met uitspraken als ¨ik dacht dat alle Aziaten goed waren in wiskunde¨, schetst regisseur en scenarioschrijver Xiang Yu Yeung een pijnlijk accuraat beeld van de (onterecht) genormaliseerde discriminatie en racisme waar de (Nederlands-)Aziatische bevolking regelmatig mee te maken krijgt. De collega’s van Ami zijn openlijk racistisch tegen haar, maar toch grijpt haar leidinggevende niet in. In plaats daarvan adviseert hij Ami zich hier niets van aan te trekken. Daarna verwacht dezelfde leidinggevende dat Ami alsnog alle taken van hem op haar neemt, omdat hij hoogstwaarschijnlijk stilletjes in dezelfde discriminerende uitspraken gelooft als de racistische collega’s. Xiang Yu Yeung geeft uitstekend weer hoe de combinatie van generatiegebonden trauma’s en eeuwenlange discriminatie en racisme voor een geïnternaliseerd stereotyperend zelfbeeld in het onderbewustzijn van een (jong-)volwassene kunnen zorgen. Zo wordt het hoofdpersonage in Reclaiming Dragons ook geconfronteerd met de twee meest voorkomende stereotypes van vrouwelijke Aziaten. De overdreven geseksualiseerd en onderdanige ¨geisha¨ stereotype en exotische en dominerende ¨dragonlady¨ stereotype zijn bewust uitvergroot in de virtuele wereld van Ami. Zo wordt Ami, zelfs in haar virtuele wereld, geconfronteerd met de vraag of deze twee stereotyperende weergaven van vrouwen met een Aziatische afkomst, de enige manieren zijn waarop ze zichzelf kan zijn.
Captain America: Brave New World is een van de weinige superheldenfilms waarin een superheld de heroïsche nalatenschap van een andere superheld eert, door zijn heldhaftige identiteit over te nemen. In (Amerikaanse) stripboeken mag dit een terugkerend fenomeen zijn, maar in de films gebaseerd op de verhalen van deze superhelden komt het amper voor. Naast Captain America: Brave New World is het dichtstbijzijnde voorbeeld hiervan terug te vinden in de animatiefilms over Miles Morales en het Spider-Verse. Zelfs in de (terecht) veelgeprezen animatiefilms Spider-Man: Into the Spider-Verse (2018) en Spider-Man: Across the Spider-Verse (2023) wordt Miles minder neergezet als een opvolger van Peter Parker en meer als een andere waardige (of uitgekozen) persoon die het masker van Spider-Man kan dragen. “Iedereen kan het masker dragen”, is een citaat dat perfect weergeeft hoe iemand als Miles, die niet de originele Spider-Man in zijn eigen universum is, toch de rol en het masker van Spider-Man kan overnemen. Doordat deze films zich afspelen in een multiversum vol Spider-Man gerelateerde superhelden, wordt het concept versterkt dat letterlijk iedereen het masker van Spider-Man kan dragen. Tegelijkertijd zijn de twee films hierdoor wel de aspecten van individualiteit en het eren van heroïsche nalatenschap verloren: twee aspecten die als redelijk belangrijk beschouwd kunnen worden voor een personage als Miles Morales.
Captain America: Brave New World is een minder impactvolle, artistieke of diepgaande film dan Spider-Man: Into the Spider-Verse en Spider-Man: Across the Spider-Verse. Desondanks weet de eerste film met Anthony Mackie’s Sam Wilson als Captain America beter weer te geven hoe een superheld (Sam Wilson) de titel en heldhaftige identiteit van een ander personage (Steve Rogers) kan overnemen en eren. Captain America: Brave New World is zeker niet uitstekende of zelfs geweldige film.
Toch worden Sam Wilsons worstelingen op een interessante manier weergegeven en onderbouwd. Naast dat deze superheld te maken krijgt met internationale conflicten, vol politieke spelletjes en gevaarlijke gevechten, wordt Sam ook geconfronteerd met zijn eigen prestatiedruk om te voldoen aan het nalatenschap van de heroïsche identiteit die hij op zich heeft genomen. De film laat zien hoe Sam zowel te maken krijgt met externe als geïnternaliseerde druk om Steve Rogers waardig op te volgen als Captain America. Regisseur Julius Onah onderzoekt samen met de scenarioschrijvers hoe lastig het is om als persoon (en held) jezelf te willen bewijzen tegenover de verwachtingen van anderen. Hierbij geven de filmmakers weer hoe bepaalde verwachtingen misvormd kunnen worden onder prestatiedruk en angst om niet goed genoeg te zijn. Daarnaast laat het filmverhaal zien hoe het concept van iets achter willen laten in de vorm van nalatenschap net zo complex kan zijn als het nastreven hiervan.
Er zijn inmiddels zoveel filmadaptaties van Bram Stokers iconische horrorroman Dracula gemaakt dat een nieuwe adaptatie voor de veel moeilijkere uitdaging staat om een sterke indruk achter te laten bij het filmpubliek. Nieuwe bewerkingen van deze beroemde roman moeten niet alleen een degelijke of goede filmadaptatie opleveren, maar ook een originele invalshoek vinden om hun interpretatie van dit verhaal te tonen. De afgelopen jaren zijn er meerdere films over de vampier Dracula verschenen, elk met hun eigen unieke benadering. In Renfield (2023) leverde regisseur Chris McKay een actiekomedie en horrorfilm die zich vooral richtte op Dracula’s loyale dienaar Renfield en zijn ongezonde relatie met de graaf als zijn narcistische baas. Deze film nam inspiratie uit zowel Stokers roman als de gelijknamige filmadaptatie uit 1931. Een ander voorbeeld uit 2023 is de bovennatuurlijke horrorfilm The Last Voyage of the Demeter. Deze film richt zich vooral op de gedoemde bemanning van het handelsschip “The Demeter” tijdens hun reis van Transsylvanië naar Londen. De bovennatuurlijke horrorfilm laat zien hoe de bemanning achtervolgd wordt door Dracula. Deze film is een bewerking van “The Captain’s Log”, een hoofdstuk uit Stokers roman uit 1897. In 2024 bracht regisseur Robert Eggers een remake uit van de stille Duitse expressionistische horrorfilm Nosferatu (1922). Deze stille film, ook bekend als Nosferatu: A Symphony of Horror, was een ongeautoriseerde bewerking van Stokers Dracula. De filmmakers veranderden verschillende namen en details uit de roman om zich te verdedigen tegen beschuldigingen van auteursrechtinbreuk. Hoewel niet al deze films dezelfde kwaliteit hadden, presenteerden ze allemaal een unieke invalshoek waarmee ze (een deel van) het verhaal van Dracula of een interpretatie van het verhaal brachten. Luc Bessons Dracula is geen slechte film, maar mist grotendeels zijn doel omdat de film in een veel gebruikt (sub-)genre van horrorfilms geen originele invalshoek heeft. In andere woorden: de regisseur van deze romantische en fantastische horrorfilm levert geen unieke benadering om zijn interpretatie van Dracula’s verhaal te vertellen. Sterker nog, Bessons Dracula komkt over als een directe imitatie van Francis Ford Coppola’s cultklassieker Dracula (1992). Ken je die meme die begint met: “Hey, can I copy your homework?” Dat is een beetje hoe het voelt om naar Bessons Dracula te kijken. Het lijkt alsof de regisseur en scenarioschrijver van Dracula (2025) probeerde zijn film anders te laten voelen dan Francis Ford Coppola’s Dracula en andere filmadaptaties, maar het lijkt er nog steeds op dat hij meer heeft gekopieerd dan geadapteerd.
Bride Hard komt over als het soort film dat een filmcrew zou maken nadat ze een AI-generator gevraagd hebben een filmverhaal te genereren voor een actiefilm met typische (in andere woorden: eendimensionale) personages en toepasselijke (oftewel domme) humor. Toch lijkt de titel een woordspeling te zijn op John McTiernans filmklassieker Die Hard (1988), dus dat is enigszins leuk. Als je denkt: “Wauw, dat is niet een heel bijzonder pluspunt…”, dan heb je helemaal gelijk! Net zoals regisseur Simon West en scenarioschrijver Shaina Steinberg moeite hebben om een enigszins degelijke – of op zijn minst vermakelijke – film te maken, probeer ik met veel moeite de paar positieve punten van Bride Hard te verzamelen. Bride Hard oogt als een film die beter gelijk op streamingdiensten of fysieke media uitgebracht had kunnen worden. De meeste filmtoeschouwers zullen keihard hun best moeten doen om hun aandacht tijdens het kijken van deze film erbij te houden. Om deze reden is Bride Hard perfect voor streamingdiensten of voor als je een lange vlucht hebt en je ziel door zo lang stil te zitten in een vliegtuig toch al verdwenen is. Tijdens het kijken naar Bride Hard verveel je je namelijk niet alleen snel, maar ook keihard (“Bore Hard” zou een betere titel voor de film zijn geweest). Misschien dat een film als Bride Hard wel zou kunnen helpen bij reizigers die moeite hebben in slaap te vallen in een vliegtuig. Dan is de film toch nog ergens goed voor geweest.